ERNST en de Nashville-verklaring (gastcolumn)

 

Hou in Godsnaam
van elkaar

 Iedereen wil nu van mij weten wat ik denk van de Nashville-verklaring. Eerlijk gezegd vind ik het niet belangrijk wat ik van die verklaring vind. Het is belangrijk hoe Ernst denkt over al de dominees die luid en duidelijk laten weten dat homoseksualiteit zonde is. Dat hij zich door hen niet van zijn eigen geloof af laat brengen.

Ernst is de man die mij schreef naar aanleiding van mijn column verleden maand over het boek van statenlid Teus Dorrepaal “Praat er maar niet over”. Geschreven voor mensen zoals Ernst, opgegroeid in een streng gelovig gezin, lange tijd worstelend of God je veroordeelt omdat je homo bent.

Geachte dominee Beekman, 

Ruim zestig jaar geleden werd ik geboren in een zeer streng christelijk gezin. De details bespaar ik u. Toen ik dertien was besefte ik dat ik op jongens viel en hield dat angstvallig voor me. Wel lette ik extra op wanneer het onderwerp homoseksualiteit aan de orde kwam in gezin of kerk. De reacties waren vernietigend. Op catechisatie leerden we dat homofiel wel mocht, want zo was je geschapen, maar dat homoseksueel onmiddellijk zou betekenen dat je in de hel terecht kwam. De bijbehorende Bijbelteksten werden voorgelezen. Een lange tijd van eenzaamheid brak aan. Mijn geheim deelde ik met niemand.
 

Bij mijn studie in Utrecht heb ik voor het eerst jongens ontmoet die ook op jongens vielen en veranderde ik van homofiel in homoseksueel, maar nog steeds hield ik mijn geheim voor me. En toen gebeurde het. Op een donderdagavond kwam ik stom toevallig Tsjerk tegen. Het was liefde op het eerste gezicht. Op zijn vraag of we de stad in zouden gaan om wat te drinken, stelde ik voor dat hij ook met mij naar huis kon gaan. Hij is die nacht gebleven en nooit weer weggegaan. 

Inmiddels zijn we meer dan dertig jaar samen. Ieder jaar haal ik op de dag dat we elkaar ontmoetten een rode roos voor het aantal jaren dat we samen zijn (u schreef daar heel treffend over een week of wat geleden).
 

Maar dan kom ik nu bij het belangrijkste uit uw column: het geloof. De vraag is natuurlijk of Tsjerk en ik in de hemel komen. Volgens mijn kerk niet. Ik werd enorm geraakt door uw opmerking dat ik het waarschijnlijk zelf wel weet. En dat is ook zo. Ik geloof ten diepste in de tekst uit Johannes 3, vers 16 (…opdat EEN IEDER die in Hem gelooft … eeuwig leven hebbe…). En dat geloven Tsjerk en ik. 

Hartelijke groet, Ernst.

Lieve Ernst en Tsjerk, ik hoop van harte dat jullie je deze dagen niet van de wijs laten brengen door wat de mannenbroeders in hun Nashville-verklaring schrijven. Blijf bij jullie eigen geloof. God houdt van jullie zoals je bent. Dus hou in Godsnaam van elkaar zoals jullie zijn. ‘Waar liefde woont, gebiedt de Heer zijn zegen.’

Wim Beekman

 

Reageren? Mail dan naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

  

 

Dag Wim, jouw column is me uit het hart gegrepen. Binnenkort wil ik deze op mijn site zetten. Heb jij intussen nog iets gehoord van Ernst?

Hartegroet van Piety, 14 januari 2019

Dank je voor je reactie en waardering, Piety. ‘Ernst’ heeft inderdaad gereageerd. Hij was erg blij met de column. Gelukkig maar.

Hartelijke groet, Wim.  16 januari 2019

Het verhaal van Ernst greep mij diep. Wat een verdriet en onbegrip. Bijzonder ook de reactie van Beekman,

een hele bemoediging. Ik denk ook steeds aan de tekst “wie zonder zonde is werpe de eerste steen”.
Ik ben het niet eens met die verklaring.

Liefs Hennie, 18 januari 2019