PECH EN GELUK

‘Is er een reden voor dat jij maar één oorhanger draagt?’

Collega Anja van het Zorgloket vraagt het ‘s middags wat voorzichtig, terwijl ik mijn handtekening onder haar beschikkingen zet. Verschrikt grijp ik naar mijn linkeroor. Díe zit er nog. Dan naar rechts. Nee hè?

Vandaag voor het eerst in en nú al kwijt. Kortgeleden van vriendin Nelly gekregen, die ze in Limburg speciaal voor mij heeft laten maken tijdens een braderie. Minuscule gekleurde kraaltjes in mijn lievelingskleur turquoise.

Direct voel ik in m’n nek, m’n beha.  Schudt mijn T-shirt losjes. Kijk in de capuchon van mijn zomerjack. Op en onder mijn bureau. Kijk op het toilet waar ik daarstraks was, schud daar nogmaals mijn kleren uit, kijk zelfs in mijn onderbroek.

O jee, die hanger kan werkelijk overal liggen. In de auto van vriendin Gerrie die mij na haar bezoek om half 12 naar de trein heeft gebracht. Op het perron, in de trein, ergens onderweg naar de kaaswinkel. Op het toilet van het gemeentehuis.

Nee, niet wéér hè? Dat krijg je ervan: hangers met losse haken. Nou ja, het maakt niet echt uit. Ook voor oorbellen die ik achter mijn oorlel vastzet met een knopje heb ik een waar verliestalent. Hoe vaak zijn ze al niet in mijn sjaal of coltrui blijven hangen en raakte ik ze zo kwijt?

Mijn sieradendoos, bevolkt door tien eenlingen, heb ik opgeschoond. Maar enkele bewaar ik. Wie weet duikt hun andere helft nog ergens op. Dat gebeurde me namelijk ook met mijn mooiste oorhanger die manlief mij ooit gaf. Overal gezocht, op de gekste plaatsen. Na één nacht en dag vond ik mijn zilveren hanger, waar honderden voeten hadden gelopen. Onbeschadigd. Op het perron.

Een andere eenling vond ik maandenlang later pas weer. Toen ik het koepelraam op het platte dak van onze uitbouw schoonmaakte. Daar lag ie. In een plasje water. Helemaal verweerd. En ik vond ooit ook mijn zilveren schakelarmband - die ik tijdens een wandeling in het donker ineens miste – terug. Vlakbij huis, midden op de natte straatstenen,  waar diverse auto’s hem plat hadden kunnen walsen.  Onbeschadigd.

Vandaag heb ik weinig hoop dat ik die tere oorhanger met minuscule kraaltjes ooit terug zal vinden. Hoe vertel ik dit Nelly?

’s Avonds, als ik in de achtertuin aan het wroeten ben, komt manlief naar buiten. ‘Dit vond ik onder onze tweezitsbank.’ Eén keer raden wat hij daar tussen duim en vinger omhoog hield.

 Piety Veenema, 16 juli 2012

Reageren op mijn column? Mail naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

 

 

NB: Geplaatst met toestemming. Hieronder  de reacties.

Hallo Piety,

Ik vind het prima zo. Je hebt de oorhanger wel terug gekregen begrijp ik.
Zo zie je maar weer, wat het huis verloren maakt, brengt het ook weer terug (en nog wel op de nieuwe bank!) Je bent een geluks-vinder.

Of verliezen mensen dingen omdat het daarna des te meer blijdschap oplevert als je het terug vindt????

Groetjes Anja 

Moi Piety,

Ik vind je column heeeel leuk. Wat een verhaal.

Lieve groet van Nelly

Andere reacties op mijn column:

Hoi Piety,

Wat heb je steeds een geluk dat je de meeste oorbellen terugvindt.
De manier hoe je schrijft vind ik zo leuk.

Groet Hennie,  23 juli 2012

Hoi Piety,

Wil toch nog even reageren op je column. Leuk en heel herkenbaar.
En wat een mazzel dat je toch nog een aantal voorwerpen teruggevonden hebt. Zo gelukkig ben ik niet. Heb van mijn man ook eens zilveren oorbellen gekregen en een daarvan verloren en later ook de ander weg. Dikke pech, dus.

Groetjes van Louise, 04-08-2012

Hoi Piety,

 Tja wat je in huis kwijt raakt, vind je nog wel eens weer.
 Maar wat je buiten op straat verliest en weer vindt is echt een toevalstreffer!!!!
Mijn mooie armband ook kwijt geraakt. Met waterzeilen (steentjes scheren over het water in sprongetjes). Was ook een cadeau van mijn man. Maar ja het was een........slavenarmband!!! Misschien wat symboliek?

Groetje van Ineke, 18-08-2012