JORIS (gastcolumn)

         Nu even geen tijd
 om te huilen

,,Opa, Joris is dood. Mogen we hem in jullie tuin begraven?” In een hoekje van onze tuin liggen inmiddels al drie katten begraven. Het is de wens van onze kleinkinderen dat ook Joris op ons poezenkerkhof een mooi plekje zal krijgen. 

Joris was een overlever. Waar zijn twee voorgangers naast het huis waar zij woonden jong sneuvelden in het drukke verkeer, wist hij achttien jaar alle auto’s, brommers en fietsers om de woning heen te ontwijken.

Met de logeerhond die geregeld een paar weken in huis verbleef, leefde Joris aanvankelijk op voet van oorlog. Maar na verloop van een jaar sloten kat en hond een gewapende vrede die nooit meer geschonden is.

In de loop van de jaren heeft Joris op z’n minst drie herseninfarcten overleefd. Hij lag meestal in zijn vensterbank te slapen. Maar tot vreugde van de drie kinderen van het gezin is hij stilletjes gewoon doorgegaan met leven. Zij, allen jonger dan hij, weten niet beter dan dat hij er altijd geweest is.

En nu is Joris er niet meer. Het einde van een poezenleven is een schok in een kinderleven. Wanneer we Joris begraven, komen de tranen. ,,Opa, ben jij ook verdrietig?”, vraag de jongste. Ik knik van ja. ,,Waarom zie ik dan niks?”

Ik probeer uit te leggen dat ik Joris voorzichtig in zijn grafje moet leggen. En nu even geen tijd heb om te huilen. Maar echt overtuigend ben ik niet. Misschien als ik haar uit zou leggen dat ik al ruim 500 begrafenissen heb geleid. En als dominee het hoofd koel moest houden.

Niet dat ik daar vanbinnen onbewogen bij bleef. Maar dat probeerde ik dan voor of na die tijd te beleven. Tijdens een uitvaart wilde ik rustig leiding geven aan het ritueel waar de anderen hopelijk troost in zouden vinden.

Sommige gestorvenen komen geregeld in mijn gedachten. Wanneer ik een huis in ons dorp passeer waar ik ooit een zieke bezocht. Waar we samen spraken, en, wanneer er soms weinig te zeggen was, enkel samen gebeden hebben. Waar ik een stervende de zegen heb gegeven, en met de familie het Onze Vader gebeden.

Ik voel het als ik langs de woning kom waar de man leed die elke avond bad of God hem ’s nachts wilde ophalen. En bij het huis van de jonge vrouw die te vroeg uit haar gezin wegstierf, waar ik nu nog niet voorbij kan gaan zonder te verzuchten: ,,Lieve Heer, had dit niet anders gekund?”

Laat ik dat de jonge kleindochter maar niet gaan uitleggen. Zij ziet toch wel met haar pientere ogen dat ik minder verdrietig ben dan zij. Dat je, als je groot wordt, aanvaardt dat er een tijd is van leven en een tijd van sterven. Dat een poezenleven van achttien jaar echt voldragen is.

,,Joris is nu in de poezenhemel”, zegt haar moeder. Kijk, dát troost.

Reageren? Mail naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.   of Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.